Skip to main content

Op 1 mei werd Sven Zebel benoemd als bijzonder hoogleraar Mediation bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit (VU). Hij volgt Dick Allewijn op die op 1 april 2017 werd aangesteld voor een periode van drie jaar als eerste bijzonder hoogleraar Mediation van Nederland bij de VU. Een periode waar Linda Reijerkerk, directeur en opleider van het Centrum voor Conflicthantering (CvC), als initiatiefnemer van de leerstoel trots op terugblikt.

Speerpunten van de bijzonder hoogleraar zijn zowel het inbedden van mediation in het universitair onderwijs, als ook het vervullen van een boegbeeldfunctie voor mediation in Nederland. Daarnaast ligt de focus op het bevorderen van het wetenschappelijk onderzoek en de aandacht voor de maatschappelijke functie van mediation.

Samen met Sven en Linda blikken we terug en kijken we vooruit naar de ontwikkelingen rondom mediation.

Linda, welke resultaten zijn er bereikt sinds de eerste benoeming van de leerstoel in 2017?

Linda: “Allereerst wil ik Sven namens het CvC van harte feliciteren met deze benoeming! We kijken met veel plezier uit naar de toekomstige samenwerking. Maar even terugblikkend: het instellen van de leerstoel heeft er toe bijgedragen dat mediation meer gezien wordt als een vak en beroep. Ook de bekendheid van mediation in algemene zin is toegenomen en mediation heeft meer positieve aandacht gekregen. Dick Allewijn heeft als eerste hoogleraar Mediation uitgedragen wat mediation is, wat je ermee kan en wat je er ook niet mee kan.”

Sven: “Ik zie daarnaast ook dat de leerstoel sterk heeft bijgedragen aan de Leergang Effectieve conflicthantering, onderhandelen en mediation aan de VU.”

Linda: “Absoluut. Dick Allewijn heeft er mede voor gezorgd dat de leergang meer vorm heeft gekregen en hij heeft de leergang ook op master niveau neergezet.”

Afgelopen december vonden de selectiegesprekken plaats voor de vacature voor bijzonder hoogleraar. Linda, welke kenmerken waren voor jou erg belangrijk bij de selectie en waarom?

Linda: “Voor mij was het erg belangrijk dat iemand kennis heeft van het vakgebied en de taal spreekt. Liefst ook iemand die al een bekend gezicht is voor belangrijke partijen zoals de NOvA, juristen in het algemeen, de universiteit en het MfN. Ik wil daarnaast heel graag dat onderzoek binnen mediation een impuls krijgt, dus dat was ook een belangrijk punt voor mij bij de selectie.”

Sven, wat was jouw motivatie om te solliciteren op de vacature?

Sven: “Mij spreken de speerpunten van de bijzonder hoogleraar enorm aan. Er moet meer aandacht komen voor mediation als conflictoplossingsmethode. Ik heb veel gewerkt met mediation in strafzaken en slachtoffer-daderbemiddeling; daarnaast heb ik in bredere zin ook onderzoek gedaan naar de dynamiek van conflicten in andere domeinen. Mijn indruk is dat de problematiek bij mediation en bemiddeling bij criminaliteit ook speelt in andere conflict domeinen. . Veel mensen die met delicten in aanraking komen, zijn niet (volledig) geïnformeerd over mediation en bemiddeling en weten vaak niet dat het überhaupt mogelijk is. Er wordt snel gegrepen naar juridische procedures.”

Linda: ”In Italië hebben ze ooit geprobeerd mediation verplicht te stellen. Dat ging niet goed. Echter, nu zetten het ze het zo neer dat je in ieder geval 1 mediationgesprek moet hebben geprobeerd.”

Sven: “Ik denk dat er ook vaak veel winst te halen is bij verwijzende partijen. Verwijzende partijen kunnen het lastig vinden om over mediation of slachtoffer-daderbemiddeling te beginnen. Dat heb ik in het verleden (ik praat over meer dan 10 jaar geleden) bijvoorbeeld gezien bij Slachtofferhulp Nederland.”

Linda: “Waar zit hun moeilijkheid denk je?”

Sven: “Medewerkers bij Slachtofferhulp kunnen iemand voor zich krijgen die het erg moeilijk heeft. Toentertijd zagen we dat sommige medewerkers het enorm lastig vonden om dan over bemiddeling met de andere partij te beginnen, de partij die het leed veroorzaakt heeft. Sindsdien zijn er grote stappen gezetten in het informeren en doorverwijzen van slachtoffers via Slachtofferhulp Nederland; zij zijn nu – samen met de Rechtbanken – bijvoorbeeld de grootste aanmelder van bemiddelingen bij Perspectief Herstelbemiddeling. Onderzoek laat ook zien dat mediation en bemiddeling kan helpen bij de psychologische verwerking van een delict.  Het kan bijvoorbeeld zorgen voor een afname van angst bij slachtoffers.

Maar mediation is en blijft een vrijwillig proces. Verder onderzoek naar mediation is daarom erg belangrijk en met de leerstoel wil ik hier aan bijdragen.”

Sven, je houdt je al een aantal jaren bezig met onderzoek naar de dynamiek van het mediationproces en hoe dit de effectiviteit van mediation beïnvloedt. Wat was voor jou een van de opvallendste resultaten van de afgelopen jaren?

Sven: “In de diepte heb ik veel onderzoek gedaan naar slachtoffer-daderbemiddeling en mediation in strafzaken. De psychologische effecten kunnen groot zijn. Het kan er bijvoorbeeld toe leiden dat daders hun excuses aanbieden. Dat kan voor een afname van angst en woede gevoelens zorgen bij het slachtoffer.

Ook gaan daders anders naar zichzelf kijken doordat ze worden geconfronteerd met het perspectief van het slachtoffer tijdens zo’n bemiddelingsproces. Het kan ervoor zorgen dat daders meer eigen verantwoordelijkheid nemen. Dat zijn belangrijke psychologische uitkomsten.

Er zijn ook sterke aanwijzingen dat het bijdraagt aan de vermindering van recidive, ook in Nederland. Daar moet wel nog meer onderzoek naar worden gedaan.”

Je wilt graag meer onderzoek doen naar de kenmerken die mediation succesvol maken of juist niet succesvol. Kun je een tipje van de sluier oplichten van wat er op de planning staat?

Sven: “Wat mij heel interessant lijkt is om met mediators in gesprek te gaan en vanuit hun praktijkervaring systematisch te achterhalen welke factoren invloed kunnen hebben of iemand wel of niet mediation aangaat. Dat zou bijvoorbeeld kunnen door een groot aantal mediators te bevragen op  specifieke case studies, bijvoorbeeld een case waarbij beide partijen open stonden voor mediation en een case waarbij een partij of beide partijen niet wensten deel te nemen aan mediation. Ik denk dat dit veel waardevolle inzichten kan opleveren waarmee we de verwijzing van burgers naar mediation kunnen versterken en optimaliseren in de praktijk.”

Je wilt je voor deze leerstoel ook meer richten op online en hybride vormen van mediation. Kun je daar iets meer over vertellen?

Sven: ”Online mediation en hybride vormen van mediation, deels online en deels aan tafel, zouden een goede uitbreiding kunnen zijn van de mogelijkheden om mediation in te zetten. Partijen aan tafel krijgen is vaak het meest optimaal, maar er zijn veel situaties waarin dit niet kan. Dit kunnen zowel logistieke redenen zijn als emotionele redenen zoals te veel angst of stress ervaren. Andere vormen van communicatie zouden hierin een uitkomst kunnen bieden.”

Linda: ”Ik heb ook liever mensen aan tafel, omdat je de emoties dan duidelijker kunt lezen. Ik heb het idee dat je met online mediation een belangrijk deel mist. Echter: indien je met bijvoorbeeld 10 partijen bent, kan het weer een voordeel zijn dat je iedereen kunt zien in beeld. En omdat mensen niet hoeven te reizen voor een online sessie, is het makkelijker om afspraken te maken voor een gesprek.”

Sven: “Een andere vorm van hybride mediation is een videoboodschap. Onderzoek laat zien dat een excuus in een brief veel twijfel kan zaaien, omdat je non-verbale communicatie mist. Videoboodschappen kunnen hiervoor een gedeeltelijke oplossing bieden.”

Linda: “Mooi idee!”

Sven: “Het kan soms ook een opbouw zijn naar uiteindelijk samen aan tafel zitten. Daarnaast laat onderzoek ook zien dat als iemand erg dominant kan zijn in een face-to-face gesprek, dit tijdens ‘asynchrone’ vormen van online mediation (vormen waarbij men niet direct op elkaar kan reageren, zoals bij een videoboodschap) veel minder speelt – dergeljke vormen kunnen dan dus een goed alternatief zijn.”

Een van de speerpunten van de leerstoel Mediation is het bevorderen van mediation als vorm van conflictoplossing binnen onze samenleving. Waar staan we over 3 jaar?

Sven: ”Ik zou graag zien dat mediation meer toegepast wordt. Slechts bij een klein percentage van conflicten dat jaarlijks plaatsvindt, wordt mediation ingezet. We moeten de verwijzing naar mediation verbeteren en de (digitale) communicatievormen binnen mediation.”

Linda: “Daar kan ik me helemaal bij aansluiten. Ik hoop van harte dat mediation dan een groei heeft genomen, met name in de zakelijke markt en bij de overheid. Deze sectoren staan nog achter vergeleken met bijvoorbeeld echtscheidingen en arbeidskwesties. Het groeit al ten opzichte van afgelopen jaren, maar het mag nog veel meer. Daarnaast vind ik het ook belangrijk dat de kwaliteit van mediation is verbeterd. Ik hoop dat onderzoek daar ook aan zal bijdragen.”